Korte definitie

API — een afgesproken technische ingang waarmee software gegevens kan opvragen, versturen of een toegestane functie van een ander systeem kan gebruiken.

Ook bekend als: Application Programming Interface, programmeerinterface.

Een API is een contract tussen softwaresystemen. In plaats van rechtstreeks in elkaars database te werken, spreken beide kanten af welke aanvragen mogelijk zijn en welk antwoord daarbij hoort.

Hoe werkt een API?

Een website stuurt een verzoek naar een endpoint met de vereiste parameters en, indien nodig, authenticatie. De API antwoordt meestal met gestructureerde gegevens. Statuscodes tonen of de aanvraag gelukt is, foutieve invoer bevat of tijdelijk niet kan worden uitgevoerd. Een goede koppeling behandelt al die uitkomsten expliciet.

Wat betekent dit voor een klein bedrijf?

API-koppelingen zijn nuttig wanneer gegevens al in een boekhoudpakket, CRM, webshop, planningstool of CMS bestaan. Ze voorkomen dubbel invoerwerk, maar brengen ook afhankelijkheid mee: tarieven, limieten en versies van een externe dienst kunnen veranderen. Leg daarom per gegeven vast welk systeem de gezaghebbende bron is en wat er gebeurt wanneer de koppeling uitvalt.

Waar let je bij een API op?

  • gebruik de kleinst mogelijke toegangsrechten;
  • valideer gegevens vóór opslag of publicatie;
  • voorzie time-outs, foutmeldingen en gecontroleerde herhalingen;
  • bewaar geen geheime sleutels in browsercode of publieke bestanden;

Samenhang met andere websitekeuzes

Een headless CMS levert content via een API. Een webhook verschilt vooral in het initiatief: de verzender meldt een gebeurtenis spontaan, terwijl een gewone API-aanvraag door de ontvanger wordt gestart.