Korte versie

In onze benchmark over 'website laten maken' hebben de nummer 1's van België en Nederland de slechtste lab-scores. Uit onderzoek over 19 bureaus blijkt: labsnelheid hangt niet samen met positie, link-recht op de rankende pagina wél. Vier verklaringen uit de data.

Sorteer onze websitebouwers-benchmark op positie in Google en er gebeurt iets ongemakkelijks. De nummer 1 van België, Inspira, heeft met 27 op 100 de slechtste Performance-score van het land. De nummer 1 van Nederland, Yourhosting, heeft met 28 op 100 de slechtste van het zijne. Hun LCP in onze labtest: 19,4 en 21,4 seconden. Als snelheid zo belangrijk is voor je ranking, hoe kan de langzaamste dan winnen? Die vraag kregen we na publicatie van de benchmark — en omdat niemand het antwoord kon geven, hebben we het zelf uitgezocht.

Wat we onderzochten

De benchmarkmeet van 10 september 2026 bevat 19 websitebouwers: alle bureaus uit de top 10 in België en Nederland op “website laten maken” die zelf websites bouwen (het vergelijkplatform op NL-positie 6 valt buiten de meting). Elke homepage testten we drie keer mobiel via de PageSpeed Insights API, met de mediaan per waarde.

Een dag later voegden we vier nieuwe lagen toe. De CrUX-velddata van Google: de LCP die echte Chrome-bezoekers ervaren, gebundeld over 28 dagen. De linkdata van Moz: Domain Authority, Page Authority en het aantal verwijzende domeinen. Een verse SERP-vangst met de exacte rankende URL per positie. En een on-pageanalyse van de tien hoogst rankende URL’s: titel, h1, woordenaantal, prijzen en schema.

Eén ding vooraf, omdat we het onszelf ook blijven voorhouden: dit is onderzoek met 19 bureaus, één zoekterm en één meetmoment, en de SERP werd via een datacenter-verbinding opgevraagd. De correlaties hieronder zijn indicatief en bewijzen geen oorzakelijk verband. Ze nuanceren wél een aanname die in vrijwel elke offerte staat.

De volledige tabel: snelheid naast autoriteit

Dit is de benchmarktabel in een andere volgorde: niet op score, maar op Google-positie per land. De labwaarden komen uit onze meting van 10 september, de linkdata van Moz en de velddata van CrUX zijn van 11 september 2026. Bij twaalf bureaus is er geen CrUX-sample — te weinig echte Chrome-bezoeken — en staat er een streepje.

BureauLab-scoreLab LCPVeld LCP (p75)DAPA
Inspira (BE #1)2719,4 s2229
Conversal (BE #2)7018,2 s1,09 s3343
Kreatix (BE #3)417,5 s2532
Green Bananas (BE #4)3518,8 s1,63 s2330
KMO Shops (BE #5)474,8 s2,51 s3224
Adworkx (BE #6)4321,2 s1224
Zenjoy (BE #7)823,0 s2426
Swift Marketing (BE #8)3826,4 s1324
Riseweb (BE #9)5911,7 s1013
WebsiteDeal (BE #10)599,4 s133
Yourhosting (NL #1)2821,4 s2,08 s7049
WJ Webdesign (NL #2)961,7 s1539
Webstijn (NL #3)5115,4 s1515
VrijdagOnline (NL #4)4312,2 s2540
Websteen (NL #5)5211,0 s1925
2manydots (NL #7)3914,5 s2,19 s2638
Stuurlui (NL #8)923,2 s1,21 s3537
Scrolla (NL #9)4610,6 s1,31 s2425
Creative Corner (NL #10)629,9 s5725

Lees de DA- en PA-kolom zoals het bedoeld is: inschattingen van Moz op basis van het linkprofiel, geen Google-getallen. Juist daarom zijn ze nuttig hier — ze meten autoriteit, iets wat Google wél in de rangschikking meeneemt en onze labscore niet.

Snelheid en positie: geen bruikbaar verband

De verrassing van de benchmark was geen incident. Reken de Spearman-rangcorrelatie over alle 19 bureaus en geen enkele snelheidsmeting hangt samen met een betere positie. Positief ρ betekent hier: een hogere waarde hoort bij een hoger (= slechter) positienummer.

FactorρLeeswijzer
PA van de rankende URL−0,52Hogere PA, betere positie — sterkste factor
DA van het domein−0,20Zwak verband
Verwijzende domeinen (log)−0,14Vrijwel geen verband
Lab-score (Performance)+0,32Hogere score, iets slechtere positie
Lab LCP−0,28Zwak, en tegen de verwachting in
Veld LCP (p75)−0,07Geen verband (n=7)

Twee dingen vallen op. De labscore correleert licht positief met het positienummer: de bureaus met de beste labscores stonden gemiddeld iets lager. En de veld-LCP, de snelheid die echte bezoekers ervaren en die Google daadwerkelijk kan zien, hangt helemaal nergens samen met positie. Dat is geen bewijs dat snelheid niet telt — Core Web Vitals zijn een signaal — maar op deze zoekterm, tussen deze negentien partijen, scheidt snelheid de winnaars niet van de verliezers.

Eén factor springt eruit: de Page Authority van de URL die daadwerkelijk rankt, met ρ −0,52 veruit de sterkste samenhang in de dataset. Niet het domein als geheel (DA −0,20), maar de specifieke pagina die in de resultaten staat.

Hoe de nummer 1 van Nederland zijn autoriteit bouwde

Yourhosting is een hostingplatform met DA 70 en 46.561 verwijzende domeinen. De linkdata laat zien hoe dat komt: 11.285 verwijzende domeinen linken met een lege ankertekst, 10.556 met “contact” en 9.780 met “algemene voorwaarden”. Dit zijn footer-links op tienduizenden gehoste klantensites. Geen contentstrategie, maar schaal. Voor een hostingbedrijf een legitiem mechanisme — en een autoriteit die geen enkel onafhankelijk bureau kan kopiëren.

Het wapen van de kleine bureaus

Kleine bureaus doen het omgekeerde. WJ Webdesign (DA 15, NL #2) heeft een topanker dat letterlijk “website laten maken” luidt, van 70 verwijzende domeinen. Conversal (DA 33, BE #2) telt er 144 met exact dezelfde anker. Hun posities hangen deels aan gerichte linkbuilding met exact de zoekterm als ankertekst. Google noemt dat soort patronen op schaal een risico, en we raden niemand aan het blind te kopiëren — maar in deze dataset werkt het zichtbaar.

De nummer 1 van België deed het weer anders: Inspira (DA 22) rankt vooral op merkankers van eigen klantensites en inhoudelijke links naar de prijzenblog die op #1 staat.

De juiste URL voor de vraag

Slechts drie van de negentien bureaus ranken met hun homepage. Acht doen het met een landingspagina, vier met een blog, drie met een dienstenpagina en één met een FAQ-pagina. Google beloont hier dus niet “het bureau”, maar de pagina die de zoekvraag het directst beantwoordt.

De prijzenblog die een klein bureau groot maakte

De duidelijkste case is Inspira. Met DA 22 en 439 verwijzende domeinen heeft het domein weinig te verdedigen, maar de rankende URL is een blog die precies de vraag achter de zoekterm beantwoordt: wat kost een website laten maken? De titel luidt vrijwel letterlijk de vraag, de pagina staat vol prijzen en blijft antwoorden tot de zoeker geen vragen meer heeft. Het is het patroon dat we in de hele top 10 terugzien: de URL die wint, is de pagina die de intentie van de zoeker het simpelst matcht.

Wat de winnaars op de pagina zelf doen

De on-pageanalyse van de tien hoogst rankende URL’s (top 5 per land) toont een opvallend uniform patroon:

  • Alle tien hebben de zoekterm exact in de titel en in de h1.
  • Negen van de tien tonen prijzen op de pagina — en in negen van de twintig zoekresultaten stond een prijsindicatie in de snippet.
  • Negen van de tien hebben een FAQ-schema met zichtbare vragen.
  • Vier van de Nederlandse top 10 hebben review-sterren in de snippet (Stuurlui 4,8 uit 124 reviews, Websteen 4,9 uit 74) — een CTR-signaal dat in België vrijwel ontbreekt.

Niets daarvan is snelheid. Het is relevantie, duidelijkheid en vertrouwen — keurig afleesbaar in de HTML die Google ziet.

Wat dit betekent voor jouw website

Drie conclusies die je uit deze data mee kunt nemen. Eén: snelheid telt via velddata, niet via je labscore — en het is een tiebreaker, geen hoofdregel. Twee: de vraag is niet “is mijn site snel”, maar “welke pagina van mij beantwoordt de zoekvraag het directst” — dat is vaak een specifieke landingspagina of blog, niet je homepage. Drie: link-recht groeit op de pagina die rankt, dus dat is ook de pagina waar je links naartoe laat gaan.

We houden onszelf aan dezelfde meetlat: met DA 18 en 306 verwijzende domeinen staan wijzelf nog niet op pagina 1 van deze SERP, en dat schrijven we hier niet weg. De benchmark is juist ontstaan omdat we het eerlijk willen meten. Wat dit onderzoek wel laat zien: de weg omhoog ligt niet in nog een puntje PageSpeed, maar in de juiste URL met de juiste antwoorden en het link-recht dat daarbij hoort.

Wil je weten hoe je eigen site op beide meetlaten scoort? De aanpak staat in onze SEO-analyse — en de verrassende kloof tussen labscore en echte bezoekers lees je in lab versus veld.